De maisteelt kan paardenbloemen met neonicotinoiden belasten en zo een bijenvolk langdurig blootstellen aan landbouwgif
De paardenbloem (Taraxacum officinale) is voor vele soorten insecten van belang, waaronder onze honingbij. De plant wordt zeer goed bevlogen op zowel nectar als stuifmeel. Door het soms massaal voorkomen en de vrij lange bloeiduur is het een waardevolle drachtplant. De aanwezigheid van de paardenbloem maakt het voedselaanbod voor haar bestuivers in het voorjaar groter en gevarieerder. In de herfst volgt er soms een nabloei en hebben de bijen opnieuw een feestmaal. In 2011 werd in de V.S. aangetoond dat de bodem van (onbewerkte) velden in de nabijheid van maisvelden - waarschijnlijk door stofontwikkeling bij het inzaaien van mais - met neonicotinoiden werd belast. Tevens werd een belasting van paardenbloemen in de nabijheid van maisvelden waargenomen, die het gif mogelijkerwijs via de wortels hadden opgenomen. Het verzamelen van stuifmeel rondom de maisteelt kan een bijenvolk dus langdurig blootstellen aan neonicotinoiden.
Overgenomen uit: Boerenlandvogels, geschreven door Henk Tennekes
Origineel engels wetenschappelijk artikel vindt u HIER





